Vroeger was er op bijna elke hoek van de straat een winkel: bakker, slager, groenteboer, enz. Zo herinner ik mij kruidenier Klamer, op de hoek van de Van Speykstraat (waar ik woonde) en de Abel Tasmanstraat. Aan de overkant was bakkerij Brandsma. Ook was er voor in de straat groenteboer Mensinga.
Veel kooplui liepen met karren door de straat zoals de bakker, de petroleumboer, visboer, groenteboer, melkboer en voddenboer. De levensmiddelen werden thuis bezorgd op vrijdag. In het begin van de week was de afhaaldag van het boodschappenboekje. Ik herinner me het verhaal van mevrouw Beekhuis. Zij had iets vergeten en belde na de bezorging of de kruidenier nog een ons ham wilde bezorgen: “Ja mevrouw, zeker mevrouw, komt in orde mevrouw”, en dit allemaal voor een ons ham!
Vlak na de oorlog was er weinig witte suiker. Soms was het feest: dan mocht ik bij Klamer een ons witte suiker in een puntzakje halen. Deze suiker werd op de weegschaal precies afgewogen: geen gram teveel. Ik herinner mij het bezoek aan mijn overgrootouders in Finsterwolde: ik mocht even bij mijn overgrootmoeder komen voor een verrassing. En wat kreeg ik? Een schepje witte suiker en een dubbeltje! Wanneer mijn moeder eens wilde trakteren op cake (wat zelden voorkwam), moest ik eerst boter en suiker bij bakker Brandsma inleveren, anders werd er geen cake gebakken.
Toch schreed ook in de Van Speykstraat de techniek voort. Opeens stond er een grote machine bij Mensinga in de winkel. Er werd twee kilo aardappelen in gegooid: ze kwamen er geschrapt uit. Een wonder! Ook bakker Brandsma bleef niet achter. Toen ik op een dag naar de Karel Doormanschool liep, zag ik bij Brandsma verpakt en gesneden brood. Dit werd niet veel gekocht: te duur en de plakjes waren te dun. In grote gezinnen sneed men de plakken brood erg dik, dan had je minder broodbeleg nodig. Ook mocht je bij sommige ouders niet alle boterhammen beleggen. Een boterham met tevredenheid moest voldoende zijn.
Nee, Brandsma met zijn gesneden brood, het zou zeker geen succes worden, vond bijna iedereen: prijs te hoog, plakjes te dun. En wat een rommel en verkwisting dat verpakkingspapier!
