Mijn eigen eerste paspoort kreeg ik zo eind vijftiger jaren vorige eeuw. Een nieuwe wereld ging voor je open en daarmee kon ook het netwerk aan vriendinnen onbegrensd worden uitgebreid. Een eerste vakantiebestemming vormde de camping in Tecklenburg in het Teutoburger Wald; op de fiets, uiteraard.
Niet alleen de ovenverse broodjes en het Dortmunder Aktien Bier (DAB) zijn in de herinnering blijven hangen, veel meer nog de in onze ogen beeldschone Mädel, die zich overdag presenteerden op en rond de Marktplatz en het daar gelegen terras van Konditorei Rabbel. Uitdagend gekleed, waarbij vooral petticoats de boventoon voerden, en het haar oogverblindend opgemaakt naar voorbeeld van Conny Froboess, Kessler Sisters, Heidi Brühl en andere goed gevormde teenagers uit die jaren.
Van huis uit had je wel al meegekregen dat de Duitse schoonheden niet alleen heel elegant voor de dag kwamen, maar bovenal gesteld waren op een galante begeleiding, waarbij de etiquette tot kunst was verheven. Om daarbij goed beslagen ten ijs te komen maakte de paperbackuitgave van "Hoe hoort het eigenlijk?" van Amy Groskamp-ten Have deel uit van de reisbagage. En dat heeft zich uitbetaald!
Nachtelijke fietstochten heen en weer, over zandpaden dwars door het bos, naar het nabijgelegen Ibbenbüren werden moeiteloos op de koop toe genomen en helemaal romantisch was een gezamenlijk bezoek aan de Freilichtbühne, waar dat jaar het ook nu nog populaire ‘Im weissen Rössl’ werd opgevoerd. Met weemoed werd de thuisreis aanvaard om bij thuiskomst vast te stellen dat “die Christl von der Post” haar werk al had gedaan en dat moeder de enveloppen keurig op volgorde van binnenkomst had verzameld.
Serieuzer werd het in de daarna volgende jaren nadat we, ook weer per fiets, het Tanzlokal ‘Goedereis’ in Haren/Ems hadden ontdekt. Heel stijlvol en chique; Moselwijn en Sekt; livemuziek via Mr. Echo en The Luckies. De toenmalige uitbater, ene Engelbert Borghorst, nam mij regelmatig in vertrouwen om te beoordelen of voor hem onbekende Nederlanders wel aan zijn maatstaven voldeden om binnen gelaten te worden. Meer dan eens heb ik hem geadviseerd om tot mijn vrienden-/kennissenkring behorende jongens de toegang te weigeren, zeker als zij afkomstig waren van het rivaliserende Stadskanaal. En aldus geschiedde, uiteraard tot grote woede van betrokkenen, die ik de volgende dagen weer tegenkwam op de sportclub of één van de lokaliteiten in de Kanaalstreek.
Eén van de vrouwelijke blikvangers bij ‘Goedereis’ ging/gaat door het leven onder de naam Anna Maria. Van haar kreeg ik meteen een fraaie foto met op de achterzijde met potlood geschreven ‘Sommer 1965’, oftewel: Anna Maria was toen 17. Omgang met Nederlandse jongens was in die tijd en zeker in kleinere gemeenschappen als Haren/Ems uit den boze, desalniettemin slaagden wij erin regelmatig tot een rendez-vous te komen en zelfs kon ik haar ertoe bewegen hét uitgaanscentrum van die tijd, ‘de IJzeren Klap’ op Musselkanaal, in mijn gezelschap te bezoeken.
Die bewuste foto is door de jaren heen zorgvuldig bewaard gebleven. Door een wonderbaarlijke loop des levens kwam het kort vóór de millenniumwisseling tot een hernieuwde kennismaking en sindsdien leert ze mij de veelzijdige ontwikkelingen in en om haar huidige woonplaats Berlijn van nabij nader kennen en heeft zij zich in Groningen geliefd gemaakt.
Ook een andere liefdevolle ervaring mag niet onvermeld blijven. Plaats van handeling: andermaal ‘Goedereis’ in Haren/Ems. Het bleek dat onderwijzeressen, opgeleid in de Grossstadt, vaak ervaringen ‘auf dem Lande’ dienden op te doen en zo was ene Ursel geparachuteerd in Wesuwe. De nieuwslezers van NDR-Radio Niedersachsen hebben nog steeds grote moeite deze plaatsnaam goed uit te spreken. Door de aanleg van de A31 met een op-/afrit bij Wesuwe moet deze naam tegenwoordig wél regelmatig worden gemeld. Maar dat terzijde.
Geboren in de Hanzestad Lübeck en opgeleid in de Universiteitsstad Göttingen bracht Ursel een opvallende portie flair mee naar het Emsland. Bovendien beschikten we beiden over een auto, waarbij de toen 's nachts nog gesloten grensovergang Ter Apel-Rütenbrock als ontmoetingsplaats dienst deed. Mijn eerste auto dateert van februari 1967, dus zal deze ‘affaire’ omstreeks 1968 gespeeld hebben. De ‘schriftliche Verwarnung’ wegens illegale grensoverschrijding (boete DM 2,00) heb ik niet meer terug kunnen vinden. Daarop stond ongetwijfeld ook de datum van het delict vermeld en had wat dit betreft duidelijkheid kunnen verschaffen.
Zoals gezegd, de grensovergang deed dienst als transferium, en vanaf dat punt werden bezoeken gebracht aan ‘Bosch en Zon’ in Emmen, ‘de IJzeren Klap’ in Musselkanaal en ook de in die jaren in gebruik genomen ‘de Schaapsberg’ in Zandberg werd aangedaan. Verder herinner ik mij het bezoek, onder bar koude omstandigheden, van een vriendschappelijke voetbalwedstrijd in het Oosterpark, GVAV - Göttingen '05, ’haar’ stad uiteindelijk. Ik denk dat Ursel de enige Duitse supporter was.
In het Emsland was de ‘Pferdestall’ in Meppen vaak plaats van bestemming, maar ‘Goedereis’ bleef vanwege de bijzondere atmosfeer favoriet. Carnaval werd gevierd bij ‘Casper Gerd’ in Altenberge. Daarbij was het voor mij uitermate aantrekkelijk dat Ursel de beschikking had over een ‘Wohnung’, boven het Rathaus van de toenmalige gemeente Wesuwe. Wél werd ik, bij gezamenlijk verblijf aldaar, geacht mijn auto redelijk ver uit de buurt van haar onderkomen te stallen; de aanwezigheid van de auto van ‘der Holländer’ zou al te gemakkelijk het plaatselijke roddelcircuit in werking stellen.
Ook wij hebben elkaar nooit helemaal uit het oog verloren. Zeker niet na een telefoontje op een zaterdagmiddag in juni 2006, de dag waarop Nederland bij het Europees voetbalkampioenschap in Portugal tegen Zweden moest spelen. Ursel vond het op haar weg liggen mij vanuit haar huidige woonplaats Essen sterkte toe te wensen. Het verloop van het telefoongesprek na afloop van de later gespeelde wedstrijd Nederland-Duitsland laat zich gemakkelijk raden. Kortom: liefde kent geen lands- en geen tijdsgrenzen!
