Aan het Nassauplein 5 woonde opa “Stad”, Jacob Tammo Borgman (geboren op 20 december 1851), in de jaren dertig-veertig. Hij werd verzorgd door zijn dochter Marie. Opa “Stad” was mijn overgrootvader.
Opa was voor mij een bijzondere verschijning. Wat mij als kind intrigeerde was de grote “toeter”, een koperen hoorn, die hij in zijn oor had. Met een zelfde “toeter” staat Ludwig von Beethoven ook vaak afgebeeld. Omdat opa doof was, moest ik via dit fraaie hulpstuk met hem praten.
Opa zat vaak in een hoge stoel met armleuningen en een bijzonder hoge rug met hoofdkussen. De omlijsting van de stoffering was van verguld hout. Zijn voeten zaten in een voetenzak, waarin meestal een warme kruik lag. Ik herinner mij dat de stoelzitting in het algemeen erg hoog was. Men zat veel bij de hoge tafel. Daarbij hoorden voetenbankjes (voor de tocht en ook omdat de mensen toen veel kleiner waren).
Opa was vroeger hoofd van de school in Mensingeweer. Daar woonde hij met zijn vrouw en 7 kinderen. Op 1 mei 1934 werd de school gesloten. Zijn zoon Tammo (Nassauplein 30a) vertelde mij eens dat hij elke dag de schoenen van het hele gezin moest poetsen. Dit was een heel werk, want bestrating was er in die tijd niet. Dit was voor mij moeilijk voor te stellen: een heel dorp met alleen maar zandpaden. Zonder auto’s, zonder waterleiding en electriciteit.
Opa heeft als zondagsschilder vele mooie olieverfschilderijen gemaakt, vooral van de omgeving van Mensingeweer. Gelukkig heb ik nog twee schilderijen van hem bij mij thuis hangen, waaronder zijn laatste.
In 1948 kwam de fotograaf aan het Nassauplein 5. Er werd een mooi familieportret gemaakt van 4 generaties: opa “Stad”, Opa “Stadskanaal”, mijn vader en ik. Vier oudste zonen van de familie: ik was nu de enige stamhouder van de Borgmans. Door deze positie werd er naar mijn idee veel van mij verwacht.
Op 21 december 1948 zou opa 97 jaar worden. Helaas ging hij even daarvoor (15 november) op een stoel staan om de klok bij te zetten, viel, brak zijn heup en stierf korte tijd daarna.
