De portretschilder Herman Mees werd op 19 september 1880 te Veendam geboren. Zijn vader was huisarts in de stad. In 1897 verhuisde de familie Mees, die aan het Oosterdiep woonde in het pand dat later AVEBE kantoor zou worden en waar nu Compaen gehuisvest is, naar Rotterdam. Daar legde Herman Mees in 1899 het examen voor de HBS af. In 1905 slaagde hij in Den Haag voor zijn diploma middelbaar tekenonderwijs.
Na het behalen van dit diploma trok hij de wijde wereld in. Na omzwervingen in Londen, Parijs, München en Dresden vestigde hij zich toch weer in Londen. De keuze voor deze stad was zeer bewust. In Londen was het hoofdkwartier van de theosofische beweging te vinden. Mees werd gegrepen door de theosofische gedachte die een eenvoudig leven zonder veel behoeften voorschreef. In Londen ontmoette hij Arthur Ayliffe met wie hij veel filosofeerde. De Londense parken vond Mees verrukkelijk en hij maakte er honderden potloodschetsjes en penseelstudies.
In 1914 vertrok Mees naar Spanje, maar moest al snel weer vluchten vanwege de oorlog. Drie jaar later aanvaardde hij een betrekking als leraar aan de Rotterdamse Kunstacademie. De Academie gaf hem de eerste jaren jaarlijks vijf maanden studievakantie. Hij verbleef dan vooral in Italië en Spanje. Toch woog volgens hem de schoonheid van het Italiaanse Taormina niet op tegen de verrukking die een tochtje door de Rotterdamse haven bood. De meeste voldoening vond Mees in de vriendschap met de Haagse schilder Willem van Konijnenburg, die volgens Mees naast schilderstalent ook veel wijsheid bezat. Konijnenburg was een goede leermeester. In 1924 werd Mees hoofdleraar van de Rotterdamse Academie. Daar bleef hij tot 1943 in dienst. Mees wist de Rotterdamse Academie uit te bouwen tot een zeer succesvolle school. Na zijn vertrek veranderde het regime en liepen volgens hem de successen van de leerlingen terug tot 0!
Mees ging zich volledig toeleggen op het schilderen. Befaamd werd Mees om zijn portretten van hoogleraren en Rotterdamse zakenlieden. Verder schilderde hij heel veel kinderportretten. In tegenstelling tot zijn Veendammer collega Peizel was Mees absoluut niet conservatief. Herman Mees leefde mee met iedere nieuwe kunstrichting en probeerde deze te begrijpen zonder ze te kritiseren hetgeen Peizel wel regelmatig deed. Mees bezocht vele tentoonstellingen om op de hoogte te blijven van nieuwe ontwikkelingen in de kunst. Zijn eigen werk werd er overigens niet door beïnvloed. Honkvast was Mees evenmin. Op 80-jarige leeftijd reisde hij samen met zijn vrouw nog naar Marokko om daar portretten te schilderen.
Mees sleet zijn laatste levensjaren in Zuidlaren, genietende van de natuur en wat de jaargetijden hem brachten. Op 28 november 1964 kwam een einde aan zijn werkzame leven. Werken van Herman Mees zijn te vinden in diverse bekende Nederlandse musea. Van 7 juni tot en met 20 september 2009 is zijn werk te zien in de expositie Herman Mees, de portretschilder terug in Veendam in het Veenkoloniaal Museum te Veendam.
