Aan de slag als bontnaaister
Zeventien was mevrouw Jager toen ze in 1959 op het atelier van Van Daal & Meijer kwam te werken. Ze had daarvoor enige tijd als coupeuse gewerkt maar wilde wel eens wat anders. Op voorstel van haar buurjongen kwam ze bij Van Daal & Meijer terecht. Daar had ze al snel spijt van. De eerste weken waren helemaal niet leuk. De bontbewerking was een echte mannenwereld. Bovendien moest ze om het vak te leren oude, muffe bontjassen uit elkaar halen.
Ondanks die eerste weken heeft mevrouw Jager toch vooral goede herinneringen aan haar tijd bij Van Daal & Meijer. Al snel bleek het op het atelier heel gezellig te zijn en ook het werk beviel haar goed.
Snijden, stikken en afwerken
Op het atelier werkten ongeveer 30 man aan de mantels die vaak op maat werden gemaakt. De bontwerkers sorteerden allereerst de bontvellen op kleur en tekening. Vervolgens sneden zij uit deze vellen de patronen. Deze losse stukken werden door de bontnaaisters op het atelier voorzien van een dunne stof - mul - om alles bij elkaar te houden en daarna door de bontstiksters in elkaar gezet. Meneer Stam nam het kledingstuk dan mee naar de winkel waar de klant de mantel kon passen. Tot slot werd de mantel afgewerkt, netjes gevoerd en voorzien van een mooi etiket.
In de zomer gaven veel klanten hun mantel in bewaring. Voordat de mantel de kluis in ging werd deze gecontroleerd op scheuren en kale plekken. Voor elke mantel werd ingecalculeerd hoeveel tijd de restauratie in beslag zou nemen. Dit viel vaak tegen. Mevrouw Jager vertelt dat ze blij was wanneer ze een putje had dat voor de wind ging. Dan kon ze de tijd die ze op een andere mantel verloren had inhalen.
Arbeidsvitaminen
De sfeer op het atelier was goed. Lies kwam langs met koffie en soms mocht je naar de bakker om van je eigen geld een lekkere pensee te halen. Af en toe werd er zelfs een dansje gewaagd. Op het atelier stond een radio met vier zenders. Wanneer meneer Stam naar het filiaal in de Herestraat was, om mantels door te passen, werd de volumeknop wel eens wat harder gedraaid. De meisjes haalden dan meneer Boekholt en dansten met hem de foxtrot.
25-jarig jubileum
In haar fotoalbum bewaart mevrouw Jager nog een aantal foto's van het 25-jarig jubileum van de firma. Ter gelegenheid van deze feestelijke gebeurtenis werd op 1 maart 1963 een feest gegeven in Grand Hotel Frigge, aan de Herestraat te Groningen. Ook het personeel uit Wilhelmshaven en Frankfurt am Main was daarbij aanwezig. Aan de lange tafels werd ingehaakt op de maat van de muziek en een aantal mannelijke personeelsleden hielden een modeshow in vrouwenkleding. Het personeel bood als cadeau een klok aan in de vorm van een zeehond. De bontwerkers hadden bovendien een 'bontschilderij' van het filiaal in de Herestraat gemaakt.
Toen mevrouw Jager kinderen kreeg stopte ze met haar werk op het atelier van Van Daal & Meijer. Ze heeft toen nog wel thuis gewerkt voor diverse Groningse zaken, waaronder Vopel. De wereld van de bontbewerking was klein, iedereen kende elkaar. Daardoor kreeg je soms wel eens wat werk aangeboden. Haar kinderen hebben haar later nog wel eens gevraagd of ze het niet zielig vond, al die dierenvellen waar kleding van werd gemaakt. "Maar destijds wist je niet beter, het was gewoon je werk."
Dit interview is geschreven in het kader van het project WiGeDok, de poort tot de sociaal-economische geschiedenis van Groningen en Ostfriesland. WiGeDok biedt via zijn website een overzicht per bedrijfstak van archieven van bedrijven en aanverwante (vak)organisaties.