Het wapen
‘Gegeerd van azuur en goud, de geren van azuur beladen met een lelie van goud, gericht vanuit het midden van het schild; een hartschild, geschuinbalkt van azuur en zilver van tien stukken. Het schild gedekt met een gouden kroon van drie bladeren en twee paarlen.’ Zo is de officiële omschrijving van het gemeentewapen van Bellingwedde.
Het wapen is bij Koninklijk Besluit van 22 april 1969, No. 9 verleend. Na het samengaan van de gemeenten Bellingwolde en Wedde op 1 september 1968 ontstond de behoefte aan een wapen voor de nieuwe gemeente Bellingwedde.
Bellingwolde nam hiervoor onder meer afscheid van de beeltenis van het Praemonstratenzer klooster Palmar waar in de 14e eeuw het Reiderlander- of Bellingwolder Landregt te boek werd gesteld in het Oud-Fries. Wedde deed hetzelfde voor het rode kasteel, Wedder Börg, en de hooischelf die haar wapen sierden sinds 1884.
Ter herinnering aan het klooster te Bellingwolde zijn er aan het nieuwe wapen onder meer lelies toegevoegd, afkomstig uit het wapen van de Praemonstratenzer orde. De blauwe achtergrond van de lelies stelt bovendien het water van de Dollard voor dat Palmar begin zestiende eeuw verzwolg. De gouden vlakken vormen een verwijzing naar het zand dat de zee meevoerde.
Een verwijzing naar het oude wapen van Wedde is het hartschild. Het is het wapen van Schenk van Toutenburg, Heer van Wedde.
De vlag
Op 26 april 1973 is besloten tijdens de openbare vergadering van de raad der gemeente Bellingwedde tot het instellen van een vlag ‘(…) waarvan de omschrijving luidt:
een vlag bestaande uit een broeking met tien balken blauw-wit-enzovoort, gaande in de richting van de broektop naar het tegenover liggende hoekpunt van de broeking en een vlucht van blauw, bezaaid met gele heraldische lelies.’
